Verplichte AOV: ja of nee?

AOV verzekering afsluiten?

Er wordt veel gesproken over een verplichte AOV (arbeidsongeschiktheidsverzekering) voor zelfstandigen. In Den Haag hebben ze het inmiddels over de “Basisverzekering Arbeidsongeschiktheid Zelfstandigen” (BAZ), maar die term is nog niet ingeburgerd. De informatie is soms verouderd of tegenstrijdig, hieronder vertel ik wat er nu bekend is of wordt verwacht. Maar een disclaimer is op z’n plaats want het zijn nog steeds plannen die kunnen veranderen. Ook de kabinetsformatie kan hier invloed op hebben. Onderstaande tekst zal worden aangepast als er meer bekend is.

1. Waarom komt er een verplichte AOV?

Hiervoor zijn meerdere redenen, waarvan ik de belangrijkste toelicht. Veel ondernemers hebben geen vangnet geregeld voor inkomensverlies bij langdurige arbeidsongeschiktheid, waardoor ze moeten terugvallen op de bijstand. Dat is een onderwerp van zorg voor talloze partijen. 

Bij de onderhandelingen over het pensioenakkoord spraken werkgevers en werknemers (!) af dat zelfstandigen zich verplicht tegen arbeidsongeschiktheid verzekeren. Vakbonden zijn van mening dat zelfstandigen oneerlijk kunnen concurreren met lage tarieven doordat zij geen noodzakelijke verzekeringen en voorzieningen regelen.

Nederland krijgt € 4,7 miljard subsidie van de Europese Unie mits we de doelen in het Herstel- en Veerkrachtplan halen. Eén daarvan is het invoeren van een verplichte AOV voor ondernemers, als onderdeel van een breder pakket aan maatregelen ter verbetering van de arbeidsmarkt.

En laten we eerlijk zijn: veel ondernemers verzekeren zich wel tegen de financiële gevolgen van overlijden (zeker als ze een hypotheek hebben), terwijl de kans daarop aanzienlijk kleiner is dan de kans op arbeidsongeschiktheid… Ook een onderwerp als aansprakelijkheid krijgt meestal meer aandacht dan arbeidsongeschiktheid.

2. Voor wie geldt de verplichte AOV?

De regeling gaat gelden voor iedereen die ‘winst uit onderneming’ heeft volgens de Belastingdienst, ofwel IB-ondernemers (eenmanszaak, vof, cv, maatschap) en hun ‘meewerkende partner’. Heb je alleen ‘inkomsten uit loondienst’ of ‘inkomsten uit overig werk’, dan krijg je niet met de verplichte AOV te maken. In je belastingaangifte zie je wat voor inkomen je hebt.

Ben je deeltijd-ondernemer naast een baan in loondienst, dan is er misschien geen sprake van ‘winst uit onderneming’, in welk geval je geen verplichte AOV moet afsluiten. Als je wel winst uit onderneming hebt, geldt de verplichte AOV alleen maar voor dat deel van je inkomen. Zie verder vraag 3 en vraag 5

Een ondernemers met een BV (directeur-grootaandeelhouder ofwel DGA) ontvangt salaris van de BV. De Belastingdienst ziet dit als loondienst dus DGA’s vallen niet onder de verplichte AOV. Maar zie ook vraag 12.

Aangezien de IB-aangifte leidend is, maakt het ook niet uit of je wel of geen personeel hebt. Daarom gebruik ik de term zzp’er liever niet als we het over de verplichte AOV hebben.

Je doet mee zolang je ondernemer bent voor de inkomstenbelasting, tot uiterlijk je AOW-ingangsdatum. Het maakt niet uit of je vermogen hebt of een partner. Zelf aanmelden is niet nodig, als je aan de voorwaarden voldoet word je automatisch verzekerd.

Een verplichte AOV gaat gelden voor iedereen die winst uit zijn of haar onderneming haalt
De regeling gaat gelden voor iedereen die ‘winst uit onderneming’ heeft volgens de Belastingdienst

3. Hoeveel keert de verplichte AOV uit?

Bij volledige arbeidsongeschiktheid ontvang je 70% van je laatstverdiende inkomen. Hiermee wordt jouw winst uit onderneming bedoeld, voordat de zelfstandigenaftrek etc. eraf gaan. Is jouw winst hoger dan 143% van het minimumloon, dan telt maximaal 143% van het minimumloon mee. Je krijgt dus nooit meer dan het minimumloon (70% van 143% = 100%). De uitkering is bruto, er gaat nog inkomstenbelasting vanaf.

Het gaat dus om je winst, niet je omzet. 

Voor veel ondernemers zal de uitkering te laag zijn. Ben je gedeeltelijk arbeidsongeschikt, dan ontvang je ook een gedeeltelijke uitkering.

4. Wanneer heb ik recht op een uitkering van de verplichte AOV?

Over dit deel van de wet wordt nog volop gediscussieerd, dit kan nog veranderen! De wachttijd wordt één jaar, ook al pleiten veel zelfstandigenorganisaties voor twee jaar. Er bestaan immers al goede oplossingen om deze periode te overbruggen.

Na deze wachttijd doet het UWV een claimbeoordeling. Daarbij wordt getoetst of de wachttijd inderdaad voorbij is, hoe hoog je inkomen in het jaar voor de arbeidsongeschiktheid was en of je inkomensverlies door arbeidsongeschiktheid minimaal 35% bedraagt. Ze kunnen ook je gemiddelde winst in de drie voorgaande jaren nemen als dat een hogere uitkering oplevert.

Bij het vaststellen van jouw mate van arbeidsongeschiktheid wordt gekeken naar je wat je theoretisch nog kunt verdienen met alle gangbare arbeid die je nog kunt verrichten. Dus niet alleen je eigen werk. Deze werkwijze gebruikt het UWV ook bij werknemers.

Update mei 2024: In haar Kamerbrief van 24 april introduceert de Minister een nieuw begrip: de drempelfunctievariant. Dit begrip houdt in dat zelfstandigen een uitkering krijgen als zij door ziekte (of een andere arbeidsongeschiktheidsoorzaak, AP) niet meer het minimumloon kunnen verdienen.

Er komt een werkhervattingsprikkel: eventuele inkomsten die je nog genereert, worden voor 70% verrekend met je uitkering. De overige 30% mag je houden.

Hoeveel je uitgekeerd krijgt hangt af van je winst en niet je omzet

5. Wat kost de verplichte AOV?

De Minister verwacht dat de premie 7½ -8% van de maximale premiegrondslag zal zijn. In veel berichten stond dat de gemiddelde premie € 225 per maand zou bedragen, maar dat klopt niet om twee redenen. Ten eerste werd de maximale premie bedoeld. Ten tweede is de premiegrondslag afhankelijk van het minimumloon en dat is inmiddels flink verhoogd.

Update mei 2024: De nieuwe drempelfunctievariant (zie vraag 4) zou voor iets lagere premies zorgen. Maar hoevéél lager is nog niet bekend.

De premie is gelukkig wel fiscaal aftrekbaar.

6. Hoe zit het met re-integratie?

Tijdens de wachttijd geldt geen re-integratieverplichting, maar er wordt wel van je verwacht dat je je best doet om te herstellen. Je hebt in het eerste jaar wel recht op ondersteuning bij re-integratie. Gedurende de uitkeringsperiode wordt re-integratie wel verplicht. Eerst in je eigen bedrijf, maar als dat niet lukt richt het UWV zich op werkhervatting in loondienst.

7. Wanneer komt de verplichte AOV?

De intentie van de Minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid was om het wetsvoorstel zomer 2023 klaar te hebben voor internetconsultatie. Dat is niet gelukt. Na de val van het kabinet is dit dossier niet controversieel verklaard, de ambtenaren werken gewoon door.

Gaat het in Q2 van 2024 wel lukken? Na de consultatieronde volgt behandeling in het parlement.  Publicatie in het Staatsblad in januari 2025 is vereist voor bij vraag 1 genoemde de Europese miljardensubsidie.

Na publicatie van de wet heeft het ministerie tijd nodig voor de implementatie en inwerkingtreding, dus de verzekering zal er niet voor 2027 zijn. De belastingdienst en het UWV hebben dusdanige capaciteitsproblemen dat het ook langer kan duren.

Gedurende de uitkeringsperiode wordt re-integratie wel verplicht

8. Ik heb al een AOV, wat nu? (Eerbiedigende werking)

Arbeidsongeschiktheidsverzekeringen die nu al bestaan worden waarschijnlijk geëerbiedigd. Dat houdt in dat je een vrijstelling krijgt voor de verplichte AOV. De exacte spelregels voor deze eerbiedigende werking zijn nog niet bekend, maar vermoedelijk geldt deze voor de meeste AOV’s. Ook als de dekking minder uitgebreid is dan die van de verplichte regeling. Denk aan een wachttijd (eigenrisicoperiode) van twee jaar in plaats van één jaar, aansluitend op de schenkingsduur via een schenkkring. Of een lagere eindleeftijd dan de AOW-leeftijd. Waarschijnlijk zullen verzekeringen met een beperkte uitkeringsduur (bijvoorbeeld vijf of tien jaar) of een lage eindleeftijd (zoals 55 jaar) niet onder de eerbiedigende werking vallen. Ook een AOV die alleen uitkeert bij arbeidsongeschiktheid door een ongeval of een ernstige aandoening zal niet voldoende zijn. Een of meerdere specifieke uitsluitingen zijn waarschijnlijk geen probleem. Maar niets is zeker op dit punt!

Ben je na het bereiken van de eindleeftijd van jouw verzekering nog steeds ondernemer? Dan val je daarna alsnog onder de verplichte AOV.

Het moment waarop wordt vastgesteld of iemand al een AOV heeft is vermoedelijk de publicatiedatum van de wet in het Staatsblad, maar dat is nog niet bevestigd.

De hierboven omschreven eerbiedigende werking is iets anders dan de opt-out regeling, zie vraag 11.

9. Ik doe al mee aan een schenkkring (zoals een Broodfonds), wat nu?

De Minister heeft gezegd dat alleen verzekeringen onder de eerbiedigende werking vallen. Schenkkringen (zoals een Broodfonds) en crowdsurance dus niet. De belangrijkste reden daarvoor is dat hierbij geen bedragen worden gereserveerd voor de lange termijn. Heb je naast een schenk-voorziening een AOV die aansluitend uitkeert, dan kom je waarschijnlijk wel in aanmerking voor eerbiedigende werking, zie vraag 8.

10. Kan ik met mijn medische dossier of zware beroep wel een AOV krijgen?

Ja, voor ondernemers die nu geen verzekering kunnen afsluiten vanwege hun gezondheid, leeftijd of werkzaamheden/beroep is de verplichte AOV misschien wel heel goed nieuws. Iedereen die onder de doelgroep valt (zie vraag 2) moet worden geaccepteerd. Net als bij de basis-Zorgverzekering. De verplichte AOV wordt niet uitgevoerd door particuliere verzekeraars maar door de Belastingdienst (premie-inning) en het UWV (beoordeling arbeidsongeschiktheid en uitkering). Zij hebben straks een acceptatieplicht en mogen niemand uitsluiten.

Een aov verzekering voor zware beroepen
Goed nieuws voor iedere ondernemer die geen verzekering kan afsluiten vanwege hun gezondheid, leeftijd of werkzaamheden/beroep

11. Kan ik er later nog onderuit? (Opt-out)

Ja, het plan is om een uitstapmogelijkheid te bieden ofwel een opt-out. Als je – nadat de wet is ingevoerd – zelf een verzekering bij een private aanbieder gaat afsluiten moeten de dekking en de voorwaarden minimaal gelijk zijn aan die van de publieke (verplichte) AOV. De premie moet ook ten minste even hoog zijn. Concreet betekent dit dat je wachttijd niet langer dan één jaar mag zijn (korter mag wel), dat je uitkeringsdrempel niet hoger dan 35% mag zijn (lager mag wel), dat je recht hebt op een uitkering tot je AOW-leeftijd en dat er geen medische uitsluitingen zijn. Hier gelden dus andere regels dan voor verzekeringen die onder de eerbiedigende werking vallen, zoals bij vraag 8 is beschreven.

Om te voorkomen dat de solidariteit van het publieke stelsel wordt aangetast wanneer veel gezonde ondernemers met lichte beroepen voor opt-out kiezen, wordt de premie voor opt-out-verzekeringen verhoogd met een stabiliteitsbijdrage.

12. Wat moet ik nu doen?

Dat hangt af van je situatie.

Heb je al een verzekering, zeg deze dan vooral niet op vanwege de aangekondigde eerbiedigende werking. Misschien wil je de dekking aanpassen of bekijken of er betere en/of goedkopere oplossingen zijn.

Heb je nog geen verzekering, dan is het verstandig om er binnenkort een af te sluiten met het oog op de eerbiedigende werking. Je kunt nu nog je dekking naar wens samenstellen, bijvoorbeeld een wachttijd van twee jaar in aansluiting op een schenkkring. Bij private verzekeraars krijg je doorgaans een betere dekking met meer service (preventie en re-integratie) tegen vaak een scherpere premie. En je kunt meer dan 70% van je inkomen verzekeren, tot wel 90%. Het aanvraag- en acceptatietraject kan echter enkele weken (soms maanden) duren, dus wacht niet te lang!

Heb je een medisch dossier, dan is de verplichte AOV misschien wel een zegen, maar die verzekering is er voorlopig nog niet. In afwachting daarvan kun je echter wel arbeidsongeschikt raken. Ook in deze situatie kan het raadzaam zijn om wel zelf iets te regelen, al dan niet in combinatie met een schenkkring. Kies je straks liever voor de verplichte AOV, dan kun je je eigen private verzekering opzeggen.

Laat je dus goed adviseren door een accountant of fiscalist

Richt niet zomaar een BV op om onder de verplichte AOV uit te komen. De premiebesparing is misschien kleiner dan de extra kosten voor een BV. Laat je dus goed adviseren door een accountant of fiscalist. Bovendien is enige vorm van verzekering voor de meeste ondernemers toch noodzakelijk, tenzij je vele tonnen hebt gereserveerd voor noodsituaties. Heb je gebruik gemaakt van financiering voor je onderneming, dan zal de kredietverstrekker dit misschien zelfs eisen. Ook als je geld hebt geleend van familie of vrienden of via crowdfunding, is het verstandig om je inkomen bij arbeidsongeschiktheid veilig te stellen. De verwachting is dat DGA’s op een later moment ook onder de verplichte AOV gaan vallen.

Naar verwachting kunnen ondernemers binnenkort via een internetconsultatie hun mening over het wetsvoorstel geven. Benut deze kans en reageer hierop in jouw eigen woorden. Een kopie van andermans reactie telt waarschijnlijk niet mee.

We gebruiken cookies op onze website om u de meest prettige ervaring te bieden. Door op "Accepteer" te klikken, stemt u in met het gebruik van ALLE cookies. Door gebruik te maken van deze website gaat u akkoord met het gebruik van cookies op polisselect.nl.